Reeds geruime tijd wordt de Vlaamse arbeidsmarkt geconfronteerd met een groot structureel aantal knelpuntvacatures.
Vele van deze knelpuntvacatures worden echter in West Vlaanderen ingevuld door Franse grensarbeiders. 35000 Noord Franse arbeiders steken dagelijks de grens over om bij ons te komen werken en deze vacatures in vullen. De laatste jaren stijgt dit aantal nog significant.
Vanaf 1 januari 2012 dreigt het tekort op onze West-Vlaamse arbeidsmarkt echter nog groter te worden.
Het statuut van de grensarbeiders waarbij er een fiscaal voordeel is voor de grensarbeider, valt eind dit jaar weg.
De huidige grensarbeider mag nog onder dit statuut verder werken, gedurende 22 jaar, maar bedrijven kunnen geen nieuw personeel meer aanwerven onder dit statuut.
Als men weet dat de West-Vlaamse werkloosheid onder het Vlaamse ligt, en zelf in sommige regio's onder de 4 procent ligt, en als men weet dat vele moeilijke jobs, zoals uitbener, lasser...vooral ingevuld worden door fransen, dan beseft men dat dit voor vele West-Vlaamse bedrijven een groot probleem zal zijn.
Daarom draagt Martine, samen met andere collega’s, een voorstel van resolutie voor aan de Vlaamse regering om hiervoor extra inspanningen te doen.
Dit voorstel, dat u hierbij kunt terug vinden, werd woensdag 21 december jl. bij hoogdringendheid goedgekeurd
VOORSTEL VAN RESOLUTIE
van mevrouw Martine Fournier, de heren Bart Van Malderen, Matthias Diependaele, Robrecht Bothuyne en Jurgen Vanlerberge, mevrouw Goedele Vermeiren en de heer Koen Van den Heuvel
BETREFFENDE HET WEGVALLEN VAN HET GRENSARBEIDERSSTATUUT VOOR NIEUWE GRENSARBEIDERS EN DE IMPACT DAARVAN OP DE WEST-VLAAMSE ARBEIDSMARKT
TOELICHTING
Onze Vlaamse arbeidsmarkt wordt al geruime tijd met een groot aantal structurele knelpuntvacatures geconfronteerd. Eén van de oplossingen die hierbij naar voor kan worden geschoven is een grotere mobiliteit van werknemers.
Een concreet voorbeeld hiervan zijn de circa 35.000 Noord-Franse grensarbeiders die momenteel in West-Vlaanderen en Henegouwen werken. Gezien de krapte op de West-Vlaamse arbeidsmarkt is deze instroom tot op heden meer dan welkom geweest. De voorbije jaren steeg het aantal Noord-Franse grensarbeiders in West-Vlaanderen dan ook significant.
Vanaf 1 januari 2012 dreigt de zoektocht van West-Vlaamse bedrijven naar werknemers echter nog moeilijker te worden, omdat zij niet langer Noord-Franse grensarbeiders in dienst zullen kunnen nemen onder de grensarbeidersregeling. Hierdoor zal het voor Noord-Franse werknemers fiscaal minder voordelig worden om in de West-Vlaamse grensstreek te komen werken.
Ook zullen West-Vlaamse grensarbeiders niet langer fiscaal ontmoedigd worden om over de grens te gaan werken, wat tevens kan zorgen voor een vermindering van het arbeidsaanbod in West-Vlaanderen.
Deze problematiek is tot op heden reeds meermaals in de commissie Economie besproken geweest.
Met deze resolutie willen de indieners de Vlaamse regering vragen de komende jaren de impact van het wegvallen van de grensarbeidersregeling bij de aanwerving van nieuwe werknemers, met bijzondere aandacht op te volgen.
Zo moet de huidige interregionale samenwerking, die reeds bewezen heeft een verschil te kunnen maken, met voldoende ambitieuze doelstellingen worden verder gezet. Indien nodig moeten bestaande maatregelen ook worden versterkt.
Tenslotte geloven de indieners ook dat de Noord-Franse regio, gezien de hoge werkloosheidscijfers die daar nog steeds opgetekend worden, voor West-Vlaanderen een belangrijke bron van arbeidskrachten kan blijven. Daarom moet er sterk worden ingezet op de uitbouw van een structurele samenwerking met de Franse dienst voor arbeidsbemiddeling Pôle emploi.
Het Vlaams parlement,
Overwegende dat
1) De werkloosheidsgraad in West-Vlaanderen in november 2011 met 5,12 % lager lag dan de werkloosheidsgraad van 6,35 % voor gans Vlaanderen ;
2) De werkloosheidsgraad in een aantal arrondissementen in West-Vlaanderen tot onder de 4 % is gedaald, en daardoor steeds dichter bij de frictiewerkloosheid komt te liggen ;
3) Dit een grote druk op de bedrijvigheid en competitiviteit van bedrijven zet, doordat zij grote moeilijkheden ondervinden om nieuwe werknemers aan te trekken ;
4) De vergrijzing ceteris paribus de krapte op de arbeidsmarkt zal doen toenemen ;
5) a) Ondernemingen uit de Frans-Belgische grensstreek vanaf 1 januari 2012 geen nieuwe werknemers meer in dienst kunnen nemen onder de Frans-Belgische grensarbeidersregeling ;
b) Het hierdoor voor Franse grensarbeiders fiscaal minder aantrekkelijk wordt om in de Vlaamse grensstreek te komen werken ;
c) Het hierdoor voor Belgische grensarbeiders fiscaal minder onaantrekkelijk wordt om in Noord-Franse grensstreek te gaan werken ;
6) Er momenteel zo’n 35.000 Noord-Franse werknemers de grens oversteken om in de provincies West-Vlaanderen en Henegouwen te komen werken ;
7) Het aantal fiscale statuten uitgereikt in het kader van de grensarbeidersregeling, de afgelopen 5 jaar met 39% steeg voor werknemers tewerkgesteld in West-Vlaanderen ;
8) Het onderzoek ‘lokale arbeidsmarkten in België’ wijst op het blijvend belang van de taalbarrière als hinderpaal voor arbeidsmobiliteit binnen ons land ;
9) De minimale afstand om een baan te zoeken vanaf 2012 van 25 op 60
km zal worden gebracht, ongeacht de duur van de verplaatsingen ;
Vraagt de Vlaamse regering om:
Samenwerking VDAB – FOREM
1) De doelstellingen met betrekking tot de interregionale mobiliteitsteams VDAB-FOREM verder aan te scherpen en stelselmatig te verhogen ;
2) In te zetten op automatische uitwisseling van vacatures tussen de VDAB en Forem ;
3) Waalse werkzoekenden blijvend in te lichten en sensibiliseren omtrent de openstaande vacatures in Vlaanderen ;
Samenwerking VDAB – Pôle emploi
4) a) Een structurele samenwerking uit te bouwen met de Franse arbeidsbemiddelaar Pôle emploi. Hierbij maximaal lessen te trekken uit de bestaande samenwerking binnen het kader van de Eurometropool Lille-Kortrijk-Tournai ;
b) Aan deze samenwerking concrete en kwantificeerbare doelstellingen vast te hangen ;
Werking VDAB
5) a) Voldoende op te volgen welke impact het wegvallen van de grensarbeidsregeling heeft op de mobiliteit van werknemers tussen Noord-Frankrijk en de Vlaamse grensstreek ;
b) Hierbij in kaart te brengen welke sectoren en beroepscategorieën voornamelijk getroffen worden, zodat zo nodig specifieke acties vanuit de VDAB kunnen worden opgestart ;
6) Bedrijven en sociale partners maximaal te betrekken bij projecten van interregionale mobiliteit ;
7) De VDAB website toegankelijker te maken voor Franssprekende werkzoekenden ;
8) Blijvend in te zetten op taalopleidingen op de werkvloer, hierbij maximaal aandacht te hebben voor de combinatie met en aansluiting op opleidingen die tot knelpuntberoepen toe leiden, en daarbij ook Syntra te betrekken ;
9) Sterk in te zetten op de mogelijkheden die de uitbreiding van het concept ‘passende betrekking’ met betrekking tot de fysieke afstand tot een baan, in de toekomst zal bieden. Dit ook over de gewestgrenzen heen ;
10) Aandacht te hebben voor de groepen in Vlaanderen en West-Vlaanderen in het bijzonder, die vandaag nog ondervertegenwoordigd zijn op de arbeidsmarkt door hen beter te begeleiden en werkgevers aan te zetten hen aan te werven, zoals herintreedsters, 50+, allochtonen, personen met een handicap, laaggeschoolden ;
11) Verder werk te maken van duurzame, interregionale vervoerssystemen in het kader van woon-werkverkeer.
Martine FOURNIER
Bart VAN MALDEREN
Matthias DIEPENDAELE
Robrecht BOTHUYNE
Jurgen VANLERBERGE
Goedele VERMEIREN
Koen VAN DEN HEUVEL
